RADBOUD DROOG: Rondjesdraaien
Khaleb was kampioen rondjesdraaien in zijn streek. Zo hard en veel mogelijk rondjes draaien in een kleine cirkel op de grond waarbij het de kunst was niet buiten de grens van de cirkel te geraken. Hij deed het ons voor en liet meteen het gegrinnik verstommen dat hem aanvankelijk ten deel viel. Khaleb was inderdaad kampioen rondjesdraaien en verdomd, het was niet eenvoudig om je evenwicht te bewaren terwijl je als een gek rond je as draaide.
Hij woonde al een aantal jaren in het asielzoekerscentrum aan de rand van de stad. Gevlucht uit Iran, omdat hij zich kritisch had uitgelaten over de ayatollah. Khaleb was dankzij zijn draaikwaliteiten min of meer bekend geworden. In zijn dorp en de streek eromheen. Wat kaatsen voor Friesland is, was rondjesdraaien voor zijn geboortestreek, legde hij me uit. Khaleb was de Chris Wassenaar van Noordoost-Iran.
Hij meldde zich opgewekt in de kleedkamer voor wat zijn eerste echte voetbaltraining zou worden. Zijn steenkool-Engels voorspelde een moeizame communicatie, zijn eerste stappen op het veld deden het ergste vrezen. Nee, Khaleb was geen begenadigd voetballer.
Hij was goed in rondjesdraaien. We namen hem regelmatig in de maling. ,,Hé Khaleb. Show us your dance!” En dan ging ie weer. In opperste concentratie, op z’n tenen, zo hard mogelijk in de rondte. Khaleb wist best dat we hem een beetje voor de gek hielden. Het kon hem weinig schelen. Hij hoorde ergens bij, had vrienden gemaakt en mocht doen wat hij het liefste deed: voetballen. En als rechtsback kon Khaleb weinig schade aanrichten.
De meeste wedstrijden gingen wat spelverloop betreft volledig aan Khaleb voorbij. Ondanks een voorbeeldige inzet, kreeg hij weinig ballen. Vrije trappen rond de middellijn, die mocht hij nemen. Ingooien lukte pas na een tijdje. Het duurde even voordat we hem duidelijk hadden gemaakt dat hij de bal vanuit de schouder over het hoofd terug in het veld moest gooien. En dan het liefst ook nog naar een ploeggenoot. Khaleb rolde de bal liever. ,,No rolling Khaleb!”, coachte onze coach dan. ,,Loek at Sytse. Hie sjoos hou toe doe it.”
Khaleb lachte dan, knikte beleefd en presteerde het om vijf minuten later alles weer te vergeten. ,,Hij snapt het niet”, foeterde onze coach dan. Maar Khaleb begreep het best. Hij hield, net als wij, van een geintje. ,,The coach thinks that I’m crazy”, lachte hij.
Hij was amper 20 en op kosten van een gefortuneerde oom naar Nederland gesmokkeld. Een reis die grotendeels per vrachtwagen door het vaste land van Europa was afgelegd. Hij had er weken over gedaan. Zijn ouders, broers, zussen en het meisje op wie hij verliefd was, had hij achter moeten laten. Via het vluchtelingenkamp in Vught werd Khaleb overgebracht naar Leeuwarden. En daar woont hij nog altijd.
Khaleb heeft een paar seizoenen bij ons gespeeld. Zijn Nederlands werd beter, het voetbal niet. Nadat hij de club had verlaten, verwaterde het contact. Hij is na ongeveer vijftien jaar bij zijn familie teruggekeerd, al was de hereniging van korte duur. Voor Khaleb is Iran immer nog geen veilige plek. Wel is Khaleb getrouwd met het meisje van zijn dromen. In Leeuwarden wacht hij nog steeds op de verblijfsvergunning voor zijn vrouw; het meisje dat al voor hem juichte toen hij kampioen rondjesdraaien was.
Radboud Droog
Reacties (0)