ROEL MUSKEE: Appingedam en de topklasse
Ben dik twintig jaar freelance sportverslaggever van eerst de Winschoter Courant en daarna het Groninger Dagblad geweest. In die periode heb ik zo’n beetje alle noordelijke amateurvelden gezien. In het begin kreeg je wedstrijdjes in de laagste klassen, maar gaandeweg steeg ik in de pikorde en op een gegeven moment waren alle belangrijke (zondag) amateurwedstrijden ook elders in het land voor mij. Bij Baronie in Breda, Holland in Utrecht, De Treffers in Groesbeek, Quick’20 in Oldenzaal, ik ben er geweest. Het was een mooie, maar hectische tijd waarin de klok in verband met de deadline en het ontbreken van geavanceerde communicatiemiddelen als bijvoorbeeld email, mijn grootste vijand was.
De voetbalvereniging Appingedam was in die tijd speerpunt van de krant. Het was de hoogst spelende club in het verspreidingsgebied. In eerste instantie pendelde Appingedam tussen de eerste en hoofdklasse maar in het seizoen 1995/1996 werd er onder de bezielende leiding van Henk Bodewes zelfs om het landskampioenschap gespeeld. Appingedam was in alle opzichten een topclub. Het voetbalgezicht van het Noorden. Alleen al de entourage: 1000 tot 1500 toeschouwers was normaal. De club werd professioneel geleid, alles was er tip top geregeld. Hoewel het altijd werd ontkend, kregen de spelers uiteraard een paar centen toegestopt. Of er werd voor een baan gezorgd, ze kregen gratis rijles en zo werden er meer trucs bedacht om goede voetballers aan de vereniging te binden. Er kon veel, heel veel. Bomen leken tot in de hemel te groeien. Andere verenigingen sloegen de verrichtingen van de Damsters met bewonderende maar ook jaloerse blikken gade. Hoe kregen ze het allemaal voor elkaar, daar in dat mooie kleine stadje van de hangende keukens.
Inmiddels is dat beeld rigoreus veranderd. Bewondering heeft plaats gemaakt voor leedvermaak. Ik ben al jaren niet meer op het Burgemeester Wellemansportpark geweest. En als ik de berichten moet geloven, heb ik niet veel gemist. Bij de Damsters, die zo achteraf blijkt, jaren een veel te grote broek hebben aan gehad, staan ze weer met beide benen in de klei. Geld is er niet meer, kwalitatief goede spelers zijn vertrokken, het publiek is weg en de sportieve prestaties zijn magertjes. Het voetbalbolwerk Appingedam bestaat niet meer. Dat is een trieste constatering juist op het moment dat de topklasse op punt van beginnen staat. Naast onze enige noordelijke vertegenwoordiger Harkemase Boys had ook Appingedam nu eigenlijk op dat niveau moeten uitkomen. Het mag niet zo zijn. De heren in de tweedelige clubkostuums waarvan we dachten dat die het zo goed met de club voor hadden, zijn inmiddels vertrokken. Ze hebben een puinhoop achtergelaten. Appingedam is verworden tot een matige eersteklasser, maar hoe lang nog? De aftakeling is in volle gang, het eind is nog lang niet in zicht. Wat rest zijn mooie herinneringen.
Roel Muskee
Reacties (0)