In de dug-out
‘…nou, ben benieuwd vandaag. Even drie punten zou mooi wezen.’
‘Wie fluit?’
‘Steenhui…’
‘Ah nee toch. Nou, dan kunnen we inpakken.’
‘Hoezo? Is best een aardige kerel.’
‘Wij winnen nooit onder hem. En je hoeft maar iets te zeggen of je hebt een kaart.’
‘Dan is het wel handig om even te waarschuw… HÉ JONGENS MONDJE DICHT TEGEN DE SCHEIDS VANDAAG. GEWOON VOETBALLEN!’
‘Nu hoort hij het ook. Nu weet hij dat wij zeikerds zijn.’
‘Dat wist ie al, Lammert, zijn alle ballen terug?’
‘Hoe moet ik dat weten? Ben ik leider?’
‘Hoeveel moeten er zijn?’
‘Vijf en ik zie vier.’
‘Hebben zij een van ons zeker, oh wacht, ik zag Henk-Jan hoog over knallen. HÉ HENK-JAN HEB JIJ OVER GESCHOTEN? JA? HAAL JE DIE BAL OOK EVEN OP DAN? Oh, daar komt de scheids al, LAAT MAAR, Ivan, wil jij zo even kijken?’
‘Ik zit nét. Ik moet altijd. Bovendien heb ik hooikoorts en nu heel erg. Ik kan die bossen niet in.’
‘Ach val toch hartst… Ik ga zelf wel. Wat een lamzak zeg.’
‘Dat hoorde ik…’
‘Oké, jongens, we gaan beginnen. Koppie derbij. Jan kijk jij straks maar even waar die bal is.’
‘Ik? Waaro…’
‘Jongens, kom op… Is die spits van hun er niet bij, hoe heet ie, Gijs…’
‘Geschorst.’
‘Daar wordt het niet minder van HÉ SCHEIDS WIJ GOOIEN!’
‘Ik dacht dat we niks mochten zeggen.’
‘Vanuit de dugout wel. Hij kan ons toch niks maken JA OKÉ SCHEIDS! zie je even de duim omhoog en alles is weer oké.’
‘Hij greep anders wel al naar zijn bovenzak.’
‘Zij gaan er hard in zeg. Kijken hoe wij daarop reageren HÉ KOM OP JONGENS, LAAT JE DE KAAS NIET VAN DE BROOD ETEN.’
‘Het.’
‘Wat?’
‘Het is hét brood.’
‘Ja hoor hij heb drie jaar mavo gedaan KOM OP GERT GEBRUIK JE LICHAAM JA SCHEIDS IK DOE RUSTIG Godver begint dat nu al, ik zég niks.’
‘Moet je kijken hoe ze inkomen, ja, zie je, daar heb je het al, Kevin heeft een trap gehad. Ga jij heen Bram? De waterzak staat hie… hé waar is dat ding. Hoezo in de kleedkamer? Jij zou hem toch meenemen? Lekker. Ik moet ook alles zelf doen. Dan haal je hem nu even. Bram kijk maar even zonder, het lijkt of ie behoorlijk geraakt is HÉ SCHEI…’
‘Stil nouhou. Niet overal op reageren AH NEE SCHEIDS GEEN GEEL HÉ DAT WAS IK NIET. Zie je nou lul, door jou krijg ik geel. Waarom zei je niet dat jij dat riep?’
‘Dan krijg ík geel. Voor jou is het niet erg, jij bent leider, ik ben voetballer, ik ben belangrijker.’
‘Daarom sta je ook wissel zeker?’
‘Jongens jongens, zullen we ons even concentreren op de wedstrijd. Het gaat niet echt goed en ik word een beetje seniel van dat gekakel hier.’
‘Wat hebben de A’s eigenlijk gedaan.’
‘3-0 verloren.’
‘Alweer. Dat wordt ook nooit wat.’
‘Wat negatief ja.’
‘Is toch zo? Ze verliezen alles.’
‘KOM OP JONGENS, FELLER.’
‘JA, FELLER.’
‘SCHEPPIE DER BOVENOP.’
‘FELLER.’
‘MAAK BREED MAAK BREED.’
‘BREDER.’
‘Wat?’
‘Ik help je, ik zei ook BREDER.’
‘BREDER bestaat niet. Dat is geen normale voetbalterm. Je zegt maak breed en niet breder HÉ MAAK BREED BENUT DAT HELE VELD. ZOEK DE RUIMTE!’
‘We zitten niet goed in de wedstrijd jongens. Ik vond het ook een slechte voorbereiding. De lamlendigheid straalde ervan af. Dat begon al met het omkleden. Iedereen is veel te veel met andere dingen bezig. STRAK INSPE-HELEN DAT ZIJN KEUTELBALLEN Die eindpass is niet goed. Er komt niks aan. IN DE VOE-HOETEN, DIE EINDPASS IS NIET GOED JONGENS. DAT MOET STRA-HAKKER. Zag je dat, weer die eindpass, die eindpass is niet goed. Ik zei nog zo in de kleedkamer, let op die eindpass, daar gaat het om, strak inspelen die eindpass moet goed zijn, als die niet goed is en zij nemen over sta je met zijn allen verkeerd in de positie, maar nee, allemaal van die zachte rollertjes HERMAN GA MET DIE MAN MEE! Ja hoor, 1-0 achter, wat geven wij ze toch simpel weg. Wat een slap gedoe weer vanmiddag. WAAROM GA JE NOU NIET MET DIE VENT MEE? …DAN NEEM JE TOCH EVEN O-HOVER! Sjongejonge hier hebben we het zo vaak over. Je moet voor elkaar willen lopen. Wat een eigenwijze drol.’
‘Zal ik mij alvast maar warmlopen?’
‘Nee.’
Herman Sandman
Reacties (1)
Leuk en o zo herkenbaar.