Bertjan Smit: Trainer

Geplaatst:
Bertjan Smit

Volgens de Dikke van Dale is een trainer ‘iemand die sporters traint’. Met zo’n duidelijke omschrijving is het niet verwonderlijk dat er zovele trainers zijn. Training geven kan iedereen. Is het niet. Ik had als omschrijving van het woord trainer willen neerzetten : iemand die sporters individueel beter maakt en als het om teamsport gaat dit tot in een grote groep kan doorgronden. Ook ik heb in al die jaren die ikzelf heb gevoetbald diverse trainers voorbij zien komen. Het waren allemaal gemankeerde trainers om zo maar te zeggen. Niet eens zozeer omdat ze eventueel een nieuwe heup of knie hadden.

Nee, hun trainingswijze was van een dusdanig niveau dat ik geen speler beter heb zien worden. Alles wat men deed kwam voort uit dat oefeningenboekje van de KNVB van waaruit ze oefening 72A op een zo goed mogelijke manier probeerden uit te voeren. Mits het gevraagde aantal spelers voor die oefening natuurlijk aanwezig was. Improvisatie was hen vreemd. Ik had ooit bij STA dhr Gerdes, postbode van beroep. Goudeerlijke kerel die zei tegen een ieder waar het op stond, alleen zijn trainingsmethoden dateerden uit een tijd dat de voetbal nog moest worden uitgevonden. Of John van den Wildenberg. Die gaf op de vrijdagavond de makkelijkste training van allemaal. Het 1e tegen het 2e. Zal hij wel zo ervaren hebben tijdens zijn eigen carrière, maar hier had het weinig zin. Zeker als je bedenkt dat het 2e 9 van de 10x won.

Bij Roswinkel had ik ooit dhr. Roossien. Een seizoen lang iedere keer een andere trainingsvorm waarbij hij ook probeerde door middel van het zelf voor te doen spelers iets wou bij brengen. Alleen jammer dat hij zo eigenwijs was dat zelfs de meest perfecte uitvoering niet perfect genoeg was. Daarom had ik ook een broertje dood aan trainen. Ik was er altijd wel, maar dacht meestal van ‘dit is nog maar training, moet het coaching nog komen’. Tegenwoordig is het niet veel anders. Trainers die gewoon via het boekje training geven om vervolgens de details vergeten aan te geven die trainbaar zijn. Daar namelijk kun je een speler betere door maken. Even stapje links, iets eerder bewegen, aanspelen op het goede been, vanuit de pass direct door bewegen. Allemaal details die voor het grootste gros van de hedendaagse speler tellen en dus tot in het oneindige te trainen zijn.

Dit alles wel met bal he, want de tijd dat er getraind moest worden zonder bal is achterhaald. Al zullen er nog altijd een paar zijn die dit nog steeds doen. Of het bekende ratten en raven van Jan Wardenburg. Voordeel van het tot in den treurige benadrukken van de details op zo’n training is dat je in de coachingsfase niet als een doldwaze Mourinho aan de kant hoeft te staan om het daar nog eens aan te geven. Of zoals Frans Hoek doet met 17 pagina’s vooraf een wissel instrueren. Dit terwijl het toch een simpel spelletje is. Zal wel nooit veranderen, zeker niet als de KNVB stug vasthoudt aan hun cursus. De meest natuurlijke trainers hebben zo’n duur papiertje helemaal niet nodig. Die zien direct hoe en wat een speler kan. Zodat hij die ruwe diamant lichtjes kan polijsten tot een kroonjuweel. Dat zijn de winnaars van morgen.

Bertjan Smit

Reageren