De werkelijkheid onder een loep, vermengd met een beetje fantasie. Elke vrijdag worden in de rubriek Kunstgras Blues de belevenissen met F4 van FC Lewenborg beschreven. Het seizoen van F4 is inmiddels afgelopen, maar het leven gaat natuurlijk verder.
Stille leegte
De laatste woensdagmiddagtraining van F4 is er een van zomerse landerigheid. Het voetbalseizoen zit erop en de schoolvakantie staat voor de deur. Het hoeft allemaal niet meer zonodig.
Gadegeslagen door de bouwkranen die even verderop aan het nieuwe clubhuis en een nieuwe school bouwen, wordt de training omgebouwd tot een klein afscheidsfeestje. De meeste spelers gaan in het nieuwe seizoen naar F2, twee gaan naar F1. Na afloop een applaus voor de trainers en de spelers krijgen een zakje chips.
Inmiddels zitten de F-pupillen voor de televisie naar het WK-Voetbal te kijken dat vorige week losbarstte. Ze zien meer randverschijnselen dan voetbal. De poulefase is nog niet afgerond of het Nederlands elftal ligt al onder vuur. Met een maximaal resultaat van zes punten uit de eerste twee wedstrijden, en geplaatst voor de volgende ronde, zijn ze inmiddels benoemd tot nationale pispaal. Zoals gebruikelijk weet iedereen het weer beter.
Ook bij de andere wedstrijden is op het veld nauwelijks iets te beleven, is het oordeel van ‘kenners’. Daarbuiten gebeurt er des te meer.
Volgens spelers duurt een WK lang. Te lang. Ze weten zich geen raad met slechts één wedstrijd per week en het fulltime bewonen van een luxe hotel. Wat doen die jongens dan de hele dag? vraagt de televisiekijker zich af. Je zal bijna medelijden krijgen.
Beeld je eens in: Wesley Sneijder die medespelers vraagt om de benen op te tillen zodat hij de vloer onder de bank ook even kan stofzuigen. Van der Vaart die de was ophaalt en sorteert op kleur. Robben die vuilniszakken aan de stoep zet. Van Bommel smeert boterhammen voor de picknick. Het zijn een-tweetjes die je zo kan bedenken.
Voetballers van enkele generaties geleden gingen vissen of klaverjassen. Activiteiten die net zo geestdodend zijn als een hele dag niets doen op de hotelkamer. Profvoetballers leven in een stille leegte. Engelse en Franse voetballers hebben inmiddels laten zien waartoe dat kan leiden. Spits Nicolas Anelko van Frankrijk noemt bondscoach Raymond Domenech een ‘hoerenzoon’, en kan naar huis. ‘Inacceptable’ roept Charkozy met zijn vinger omhoog. Het Engelse publiek ziet de nationale trots onherkenbaar en teleurstellend spelen onder Fabio Capello.
Toch schijnt deze generatie anders te zijn. In een artikel in Dagblad van het Noorden van zaterdag 19 juni staat dat sommige spelers vier talen spreken. Rechtsback Gregory van der Wiel volgt het Gymnasium en spreekt Grieks en Latijn. Bondscoach Bert van Marwijk constateert enige culturele interesse. Hij ziet tijdens een uitje zijn spelers de leefomstandigheden filmen in het zwarte getto Hillsbrow in Johannesburg. En daar blijft het niet bij. Giovanni van Bronckhorst heeft al gevraagd of ze naar het Apartheidsmuseum mogen. In plaats van iets rechts te zetten maakt dit artikel het alleen maar erger, juist de eenzijdigheid wordt benadrukt.
Misschien verwacht iedereen teveel van deze jongens. Het zijn natuurlijk gewone eenvoudige mensen, zoals iedereen. Met dat verschil dat ze waarschijnlijk nog een tikje saaier zijn. Wie de kans krijgt naar Zuid-Afrika te gaan, om daar de hotelkamer niet te verlaten, is wel heel beperkt in zijn opvatting.
Eigenlijk levert die hijskraan naast de velden van FC Lewenborg een boeiender schouwspel op dan het WK tot nu toe. Voor de randverschijnselen zet de liefhebber de televisie liever niet aan. Hoewel, het is wel lachen geblazen.
Albert-Jan Garama
Reacties (0)